Remco Campert en

lavendelcake met rozenwater
cake met blik

Remco Campert, de laatste Vijftiger, treedt eigenlijk niet meer op, maar maakte een uitzondering voor de 32ste Nacht van de Poëzie die na jaren omzwerven weer thuis was in de achthoekige grote zaal van Vredenburg dat inmiddels TivoliVredenburg is gaan heten. TivoliVredenburg. Zonder spaties. Dat vind ik leuk.

Dit is de korte versie van het verhaal:

Ik ging voor Remco.
Ik was te laat.
Ik heb Remco gemist.

Ja, ik zag Rufus Wainwright in een ongestreken zwart jasje met gouden strepen erop getergd-quasi-verveeld “Going to a town” op een piano beuken en daarop nog overtuigend zijn stem leggen en het raakte me ook nog, maar verdomd, Remco Campert, de laatste Vijftiger: ik had hem gemist.

Er gebeurde genoeg die nacht, begrijp me niet verkeerd. Menno Wigman was er met zijn op het ritme van zijn eigen stem meedansende hand en Jan Glas was er met zijn… hoofd. Wim Brands was er ook. Ik vermoed dat hij keurig zijn afval scheidt en eigenlijk in alle opzichten een voorbeeldige burger is. Ingmar Heytze deed de mensen lachen met zijn opgewekte, geruststellende aanwezigheid en dito gedichten. Er waren ook entr’actes. De orquesta Típica Andariega speelde tango. De dansers voor het podium toonden het publiek hun beste poldertango, inclusief voorzichtige, ingestudeerde knie-optrekkingen en angstig heen en weer geschuif op de dansvloer terwijl een Argentijnse jongen een Milonga zong waar hij te jong voor was. Mustafa Stitou doorbrak tegen het einde van de nacht met zijn kalme, beheerste voordracht de blankheid in de zaal en er was een Vlaamse dichteres wiens naam ik nu kwijt ben die me hardop deed lachen. Dit alles was op z’n minst onderhoudend en her en der ronduit ontroerend, maar, verdomd! Remco Campert! De laatste Vijftiger! Ik had hem gemist.

In de nacht onderweg naar huis manoeuvreerde ik mijn fiets door de luide, zwalkende, beschonken stad, wist ik weer hoe elke stad in dit land op dat tijdstip was en voelde ik dat ik ouder werd. Niet omdat een vrolijke aardige jongen me ‘mevrouw’ en ‘u’ noemde toen hij me om vuur kwam vragen of omdat ik mezelf met nostalgie in mijn stem hoorde zeggen dat ik gestopt was, maar om hoe blij ik was dat ik mocht gaan. Naar huis. Ik had niet de illusie dat de stad me die nacht nog iets te bieden had als ik maar even doorging, ik voelde niet dat er daar ergens iets lag, voor mij, om uit te pakken. Ik ging naar huis en at een bord spaghetti alla puttanesca en nam waar hoe de nacht zachtjes ochtend begon te worden. Zonder euforie waar je lijf van uit elkaar lijkt te spatten en die je weg moet dansen en/ of stampen, geen lust waar lichaamsdelen gespannen van raken, geen woede, geen onrust, geen verlangen de stad op te slokken en weer uit te stoten, maar een deken, een kussen, een bank en stilte. Het was goed.

De volgende dag bakte ik een cake. Ik had Remco Campert – de laatste Vijftiger – gemist, dus het was een rouwcake. Met lavendel. Dat troost.

(Lees. )

lavendel

 

Lavendelcake met rozenwater

    • 300 gram tarwebloem
    • 50 gram volkoren tarwebloem
    • 1 theelepel zuiveringszout (baking soda)
    • 1 theelepel bakpoeder
    • 1,5 theelepel zeezout
    • 1 1/4 theelepels fijngesneden eetbare lavendelbloemen
    • 1/4 theelepel fijngesneden lavendelblaadjes
    • 300 gram kristalsuiker
    • 1,5 eetlepel rozenwater
    • 250 ml karnemelk
    • 300 ml olijfolie
    • 125 ml appelsap
    • 3 eieren

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Vet een cakevorm in en bekleed de bodem met bakpapier.
in gevette met bakpapier beklede cakevorm

Meng met een garde suiker, zout, bakpoeder, zuiveringszout, volkorenbloem, gezeefde tarwebloem, lavendel-bloemen en blaadjes in een beslagkom.
droge ingredienten

Meng in een andere kom olijfolie, karnemelk, eieren, rozenwater en appelsap. Klop met een garde tot alles goed gemengd is.
olie eieren rozenwater karnemelk rozenwater eieren karnemelk olijfolie

Schep het natte mengsel door het droge mengsel. Wel goed mengen, niet rigoreus kloppen.
beslag

Schep het beslag in de ingevette en met bakpapier beklede cakevorm.

Bak 45 minuten tot een uur. De bovenkant moet mooi bruin zijn en als je met een satéprikker in de cake prikt, moet deze er schoon weer uitkomen.

Haal de cake uit de oven en laat circa een kwartier staan.

Haal de cake uit de vorm en laat op een rek afkoelen. Of snoep ervan voordat het zover is. We leven immers in een vrij land.

lavendelcake met rozenwater

 

Comments are closed.